Hoofdstuk 1 Inleiding
Over het onderwerp pesten is al veel gepraat en geschreven, zo ook bij ons op
school. In het verleden is een protocol voorkoming pestgedrag vastgesteld. Er
is echter ook behoefte aan informatie over het standpunt en de handelswijze van
de school indien het pesten zich voordoet.
In dit beleidsstuk wordt geprobeerd duidelijk aan te geven wat de school onder
pesten verstaat en wat de school hiertegen doet. Voor meer uitgebreide verhandelingen
over dit onderwerp is een grote hoeveelheid literatuur beschikbaar, o.a. bereikbaar
via het internet.
Hoofdstuk 2 Wat verstaan we onder pesten?
Als kinderen aan elkaar gewaagd zijn is er sprake van plagen. De ene keer doet
de een iets vervelends, een volgende keer is het de ander. Plagen hoort erbij.
Daar moet je tegen (leren) kunnen. Plagen is een manier om grenzen te verkennen:
Hoe ver kan ik gaan? Plagen verduidelijkt iemands sterke en zwakke kanten. Plagen
is een spelletje. Niet altijd leuk, maar nooit echt bedreigend.
Pesten is dat wel.
Definitie:
Iemand wordt getreiterd of is het mikpunt van pesterijen als hij of zij herhaaldelijk
en langdurig blootstaat aan negatieve handelingen verricht door één
of meerdere personen.
Je noemt iets pesten als er sprake is van een ongelijke machtsverhouding. Als
er gepest wordt, is het ene kind altijd sterker dan het anderen. De pester misbruikt
zijn macht.
Het slachtoffer heeft moeite zichzelf te verdedigen. Hij of zij is hulpeloos
tegenover de persoon of personen die hem pesten. Het is steeds dezelfde die wint
of die verliest.
Meestal gebeurt pesten niet zomaar een keer. Een kind dat gepest wordt is dikwijls
langdurig het mikpunt. Met een onophoudelijke regelmaat wordt er gestompt, gefluisterd,
genegeerd of zelfs gechanteerd. Naar school gaan wordt een lijdensweg.
Hoofdstuk 3 Oorzaken en gevolgen van pesten
Wanneer duidelijk is wat de oorzaken voor het pesten zijn hebben we een handvat
om het pesten te voorkomen of zonodig te bestrijden.
Er zijn veel mogelijke oorzaken die elkaar niet uitsluiten en elkaar waarschijnlijk
zelfs versterken:
Pesten uit frustratie
Drs. Bob van der Meer* noemt vier oorzaken voor pesten op school
- Onveiligheid in de klas
Er is bijvoorbeeld een voortdurende strijd om de macht. De leerlingen gaan onzorgvuldig met elkaar om. Er is sprake van slechte omgangsnormen of -vormen. Door al die onduidelijkheden heerst in de klas vaak het recht van de sterkste.
- Autoritair gedrag van de leerkracht
De leerkracht bepaalt alles en geeft de leerlingen geen eigen verantwoordelijkheid. Zij worden voortdurend onder druk gezet om te gehoorzamen. De leerkracht geeft dagelijks het voorbeeld hoe je macht uitoefent.
- Voortdurend wedijveren
Dat gebeurt in situaties waar de leerkracht leerlingen vaak met elkaar vergelijkt. Aangetoond is, dat competitie de agressie in een groep verhoogt.
- De leerling als nummer behandelen
Hoe naamlozer individuen zijn, hoe agressiever ze worden. Het gebrek aan persoonlijke waardering is daarvan de belangrijkste oorzaak. De kans bestaat dat die agressie wordt afgereageerd op een klasgenoot die zogenaamd lager op de sociale ladder staat.
Hoofdstuk 4 Hoe herken je pesten?
Wanneer we iets willen doen aan het pesten op school, moeten we het pesten als
zodanig kunnen signaleren. Daarom moeten we letten op typisch gedrag van eventuele
slachtoffers en pesters:
Gepeste kinderen
- gaan niet graag meer naar school
- gaan niet met vriendjes of vriendinnetjes mee
- hun schoolresultaten worden minder
- klagen over buikpijn en hoofdpijn
- raken regelmatig dingen kwijt
Pesters
-
doen opvallend stoer
- zijn tegendraads en opstandig
- oordelen vaak negatief over klasgenoten
- zijn het middelpunt van een groepje
Hoofdstuk 5. Wat kunnen we ertegen doen?
Pesten is in geen geval acceptabel.
Komt pesten voor, dan treden we hiertegen
op.
Voorkomen is echter beter dan genezen.
Om het pesten te voorkomen ondernemen
we de volgende acties:
We hanteren de volgende schoolregels:
Als het pesten stopt :
blijft de leerkracht opletten om te voorkomen dat het pesten weer begint.
Als het pesten niet stopt, of het pesten begint weer
opnieuw:
dan meldt de leerkracht dit bij de directeur. De directeur neemt de aanpak over. De directeur is verantwoordelijk voor het vervolg.
De directeur
-
meldt het pesten bij het bestuur
- spreekt met het slachtoffer en neemt deze in bescherming
- spreekt met de pester en houdt deze verantwoordelijk
- licht de ouders van het slachtoffer in
- licht de ouders van de pester in
- licht het team in
- probeert door samenwerking met leerkrachten en ouders het pesten te stoppen.
In het uiterste geval:
Wanneer de directeur, de leerkrachten en de ouders geen reële mogelijkheid
meer zien om het pesten te stoppen, wordt melding gemaakt aan het bestuur met
het advies over te gaan tot het instellen van een proefperiode van drie maanden,
waarbij schorsing in het vooruitzicht wordt gesteld.
Mocht schorsing uiteindelijk niet leiden tot het uitblijven van het pesten, dan
wordt de leerling van school verwijderd.
De intern contactpersoon ontvangt een melding:
De klachtenprocedure is van toepassing. Wanneer de klager hiermee instemt
wordt melding door de intern contactpersoon doorgegeven aan de directeur. Houdt
de klager vast aan geheimhouding, dan kan de klacht niet in behandeling genomen
worden.
In schema:
melding aan leerkracht
het
pesten stopt
het pesten stopt niet
![]()
melding aan de directeur
het
pesten stopt
![]()
het pesten stopt niet
![]()
proefperiode 3 maanden
het
pesten stopt
![]()
verwijdering van de leerling
melding aan de intern contactpersoon
de
klachtenprocedure is van toepassing
Het voorval wordt door de leerkracht schriftelijk vastgelegd. De directeur
bewaart de verslaglegging in een archief.