Als school hechten we er heel veel waarde aan dat kinderen zich kunnen ontwikkelen in goede harmonie en een gezonde leefomgeving. Binnen ons pedagogisch klimaat hebben we dan ook een aantal aandachtspunten:
Als school willen we graag een afspiegeling zijn van een samenleving waarin solidariteit,
samenwerking en gelijkwaardigheid geen holle kreten zijn, maar werkelijkheid
worden door de samenwerking tussen leerkrachten, kinderen en ouders
te bevorderen.
Zelfstandigheid
Maria
Montessori was van mening dat aan alle energie van het groot worden een onbewuste
doelgerichtheid ten grondslag ligt; het kind wil groot worden. De slogan 'help
mij het zelf te doen' vervat dan ook de kern van het Montessori-onderwijs en
de Montessori-opvoeding. Zich bevrijden uit een toestand van afhankelijkheid
en steeds zelfstandiger worden is voor elk kind een levenszaak van de eerste
orde. Het proces van 'groot worden' moet het kind zelf volbrengen, niemand
kan dat voor hem of haar doen. Daarom is het volgens Maria Montessori zo belangrijk
dat het kind de vrijheid krijgt om zijn omgeving te ontdekken en
de dingen zélf te doen die het zélf ook kan. Het kind heeft daarbij
de hulp van de volwassenen in zijn omgeving nodig.
Hulp van ouders
Volwassenen
kunnen het kind helpen door goed te kijken naar de kinderen, goed te kijken
naar wat zij ondernemen en waar ze behoefte aan hebben. Zij kunnen het kind
hulp bieden
door goede voorwaarden voor ontwikkeling te scheppen.
Ouders creëren thuis een situatie waarin het kind aan het werk kan. Dit
doen zij door zowel mogelijkheden en ruimte voor activiteiten te maken, als waar
nodig grenzen te stellen. Montessori vindt het van belang dat de ouders in dit
geheel oog krijgen voor de eigenheid van het kind om het kind behoedzaam en liefdevol
op weg te kunnen helpen naar een volledige ontplooiing van de persoonlijkheid.
Om nog eens met Montessori te spreken, zij vervatte de taak van de volwassene
in de volgende woorden: "prikkelen tot leven, maar vrijlaten in ontwikkeling".
Voorbereide
omgeving
Op school scheppen de leerkrachten een leeromgeving
waarin de kinderen materialen en activiteiten vinden die passen bij hun ontwikkeling
en belangstelling. Hierdoor is de kans groot dat kinderen hun aangeboren nieuwsgierigheid
behouden. De verschillen tussen kinderen en hun ontwikkeling leiden tot allerlei
vormen van differentiatie. Daar komt nog bij dat in een Montessori-groep kinderen
van verschillende leeftijden bij elkaar zitten, waardoor zij op veel verschillende
manieren met elkaar kunnen samenwerken en elkaar helpen.
Keuze van werk
Tijdens
het dagelijkse werken in de groep wordt tegemoet gekomen aan de spontane belangstelling
en de kinderen kiezen hun eigen werk. In principe kunnen ze zelf bepalen wanneer
en hoelang ze met bepaalde werkjes bezig willen zijn. Het speciaal ontwikkelde
Montessori-materiaal speelt daarin ook een belangrijke rol. Het is aantrekkelijk
materiaal en jarenlange ervaring leert dat het materiaal kinderen stimuleert
en hen de gelegenheid geeft langere tijd zelfstandig en geconcentreerd
te oefenen.
Taak van de leerkracht
Met
individuele lessen en groepslessen stimuleert en begeleidt de leerkracht het leerproces
van ieder kind individueel. Het kind wordt aangemoedigd om het niveau te bereiken
dat voor hem of haar haalbaar is. Steeds worden er wegen gezocht om het kind
daartoe innerlijk te motiveren. De beoordeling en de bespreking van de werkzaamheden
van het kind vinden plaats in het licht van de mogelijkheden van
ieder kind individueel.
Er worden op een Montessorischool geen rapportcijfers gegeven. De ouders
ontvangen verslagen van het werken, de werkhouding en het gedrag van het kind
op school, waarna zij de gelegenheid hebben om samen met de leerkracht het wel
en wee van het kind door te spreken. Leerkrachten die op een Montessorischool
werken hebben hiervoor scholing gevolgd.